Lokale initiatieven verdienen meer podium

Met ruim honderd evenementen per jaar is Delft een heel bruisende stad. Toch horen inwoners nog te vaak pas na afloop over een gezellig buurtfeest, een maatschappelijk initiatief of een sportdag in hun eigen wijk. STIP vindt dat lokale activiteiten veel beter zichtbaar moeten worden voor álle Delftenaren.

Posterplakplek in de Molslaan

Delft beschikt over een rijk verenigingsleven en talloze bewoners die zich enthousiast inzetten voor hun buurt. Van kleinschalige straatfeesten tot culturele festivals: er gebeurt ontzettend veel in de stad. "Het versterken van de onderlinge verbondenheid tussen Delftenaren staat centraal," benadrukt STIP-raadslid Julian Gommers. "Een bruisende stad begint immers in de wijk, waar buren elkaar kennen, ontmoeten en voor elkaar klaarstaan."

In de praktijk blijkt het bereiken van wijkbewoners echter een hardnekkige uitdaging. Regelmatig missen Delftenaren toffe gebeurtenissen in hun eigen omgeving, simpelweg omdat ze niet op de hoogte waren dat het plaatsvond. "Dat is enorm zonde," geeft Gommers aan. "Als je als organisator of actieve bewoner een poster kunt ophangen op een plek waar dagelijks veel mensen langslopen, maak je het veel laagdrempelig om buren erbij te betrekken."

Doorbreken van bubbels door sociale media

Momenteel wordt voor de promotie van activiteiten in de stad sterk ingezet op digitale middelen zoals sociale media. Hoewel dat nuttig is, kleeft er volgens Gommers een duidelijke beperking aan. "Als je een bepaalde groep of vereniging al volgt op sociale media, kom je heel makkelijk in aanraking met een nieuw initiatief. Maar de algoritmes van sociale media maken het erg moeilijk om buiten je eigen 'online bubbel' te kijken. Daardoor lopen inwoners fantastische lokale initiatieven in hun eigen wijk al snel mis."

Volgens het raadslid is het vooral lastig om via digitale kanalen inwoners te bereiken die niet vanzelfsprekend actief op zoek gaan naar buurtevenementen. "Juist het activeren van bewoners die normaal niet snel geneigd zijn om naar een activiteit toe te gaan, is via digitale kanalen ontzettend moeilijk. Fysieke publicaties in de openbare ruimte doorbreken die beperking direct. Als je dagelijks langs een opvallende poster bij de supermarkt, het buurtcentrum of de bushalte loopt, zie je wél wat er bij jou in de buurt georganiseerd wordt, ongeacht wie je online volgt. Een fysieke plakplek is daarom één van de oplossingen die in de praktijk ontzettend goed werkt."

Zes wijken zonder poserplakplekken

Om posters in de wijk te kunnen ophangen, stelt de gemeente openbare aanplakplaatsen beschikbaar. Maar die voorziening staat onder druk. Delft volgt de landelijke richtlijn van één aanplakplaats per 10.000 inwoners en telt er momenteel slechts twaalf. In 2002 waren dat er nog 23.

Bovendien is de verdeling over de stad uiterst scheef gegroeid. "Wanneer je naar de kaart van Delft kijkt, zie je dat de aanplakplaatsen vooral geconcentreerd zijn rondom de Binnenstad en in Tanthof," legt Gommers uit. "In maar liefst zes wijken — Buitenhof, Hof van Delft, Ruiven, Schieweg, Voordijkshoorn en Voorhof — staat op dit moment geen enkele openbare plakplek."

Brede aanpak voor een verbonden stad

Toch benadrukt Gommers dat openbare plakplekken niet de enige oplossing zijn, maar onderdeel van een grotere puzzel. "Eén plakplek lost natuurlijk niet alles op, maar het is wel een belangrijk fysiek rustpunt in de buurt. STIP zet zich op meerdere fronten in voor de zichtbaarheid van initiatieven."

Zo herinnert Gommers aan eerdere successen van STIP, zoals de komst van de centrale UITagenda Delft, waar inwoners digitaal alle activiteiten kunnen raadplegen, en het frequenter inzetten van lantaarnpaalborden voor evenementenpromotie. "Daarnaast hebben we in het coalitieakkoord afgesproken dat we de subsidiemogelijkheden voor buurtinitiatieven verruimen. Zo krijgen bewoners de middelen én de ruimte om hun wijk tot leven te brengen. Het einddoel is simpel: betere onderlinge verbondenheid."

Schriftelijke vragen aan het college

Om de scheefgroei op straatniveau aan te pakken, heeft STIP schriftelijke vragen gesteld aan het college van burgemeester en wethouders. De partij vraagt het stadsbestuur om de ongelijkheid tussen de wijken recht te trekken en de aanplakplaatsen eerlijk over alle Delftse wijken te verdelen.

"Wij willen dat het college nieuwe locaties aanwijst op logische knooppunten in de ondervertegenwoordigde wijken — zoals bij wijkwinkelcentra, pleinen, buurthuizen, OV-haltes en drukke fietsroutes. Zo zorgen we ervoor dat buren elkaar weer weten te vinden."

— Julian Gommers, raadslid STIP Delft